ECLI:NL:HR:2006:AU5278
Hoge Raad
- Cassatie
- H.A.M. Aaftink
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot verlenging partneralimentatie na echtscheiding afgewezen door Hoge Raad
De vrouw verzocht bij de rechtbank om verlenging van de termijn waarbinnen de man verplicht is partneralimentatie te betalen, primair voor vijftien jaar en subsidiair voor een kortere periode. De rechtbank verlengde de termijn tot 17 februari 2018 en stelde de alimentatie vast op €215 per maand met jaarlijkse indexering.
De man ging in hoger beroep tegen deze beschikking. Het gerechtshof vernietigde de beschikking van de rechtbank en wees het verzoek van de vrouw af, met dien verstande dat de man alleen gehouden was tot betaling over de periode tot de datum van het hofbesluit.
De vrouw stelde cassatieberoep in tegen het oordeel van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep zonder nadere motivering, conform artikel 81 RO Pro. Hiermee bleef de afwijzing van het verzoek tot verlenging van de alimentatie in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van het verzoek tot verlenging van de partneralimentatie.