ECLI:NL:HR:2006:AU8327
Hoge Raad
- Cassatie
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheidsincident over tussentijds hoger beroep tegen arbitrale bedingen
Quantum c.s. vorderden bij de rechtbank Amsterdam betaling van een bedrag van ruim 1,4 miljoen US dollar van Kintetsu. Kintetsu stelde de onbevoegdheid van de rechtbank aan de orde vanwege arbitrale bedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden. De rechtbank verwierp deze exceptie en verwees de zaak door. Kintetsu stelde tussentijds hoger beroep in tegen dit tussenvonnis, maar Quantum c.s. betoogden dat dit niet ontvankelijk was vanwege art. 337 lid 2 Rv Pro, dat tussentijds hoger beroep tegen tussenvonnissen in principe uitsluit.
Het hof oordeelde echter dat Kintetsu ontvankelijk was in haar hoger beroep, omdat de wetsgeschiedenis van art. 337 lid 2 Rv Pro flexibiliteit toelaat en het proces economisch wenselijk is om de bevoegdheidskwestie in hoger beroep te behandelen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en verwees de zaak terug voor inhoudelijke behandeling. Kintetsu stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof.
De Hoge Raad overwoog dat hoewel het hof onjuist had geoordeeld over de ontvankelijkheid, Kintetsu geen belang had bij deze klacht omdat zij in hoger beroep zelf ontvankelijkheid had bepleit. De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof uitsluitend voor zover het de proceskostenveroordeling betrof en verwees de zaak terug voor verdere behandeling van de kosten. De beslissing omtrent de kosten in cassatie werd gereserveerd.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest hof Amsterdam voor zover het de proceskostenveroordeling betreft en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling van de kosten.