ECLI:NL:HR:2006:AV1044
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Verplichting vrouw tot bijdrage in kosten verzorging en opvoeding minderjarige zoon na echtscheiding
De zaak betreft een geschil tussen ex-echtelieden over de verplichting van de vrouw tot het betalen van een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige zoon, die bij de vader woont en onder diens gezag staat.
De man verzocht de rechtbank om de vrouw te veroordelen tot een maandelijkse bijdrage van €250, welke werd vastgesteld op €129. De vrouw stelde zich primair op het standpunt dat de man niet-ontvankelijk moest worden verklaard en subsidiair dat het verzoek moest worden afgewezen. Het hof vernietigde de beschikking van de rechtbank en wees het verzoek van de man af.
In cassatie betoogde de man onder meer dat het hof ten onrechte geen rekening had gehouden met een bedrag dat de vrouw in maart 2001 van de man had ontvangen en dat nog deels onder een notaris was gestort. De Hoge Raad oordeelde dat het hof niet verplicht was in te gaan op deze terloops geponeerde en niet uitgewerkte stelling, mede omdat deze geen rol had gespeeld in het partijdebat.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee het oordeel van het hof dat de vrouw niet verplicht is tot de gevorderde bijdrage. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de vrouw niet verplicht is tot betaling van kinderalimentatie.