ECLI:NL:HR:2006:AY3748
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over onjuiste proceskostenvergoeding in belastingzaak
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2000 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd, die na bezwaar werd verminderd. Tegen deze uitspraak ging belanghebbende in beroep bij het Hof, dat het beroep gegrond verklaarde en de aanslag verder verminderde. Het Hof veroordeelde de Inspecteur tot betaling van proceskosten van €805.
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het hofarrest, met name gericht op de hoogte van de proceskostenvergoeding. De Staatssecretaris van Financiën voerde verweer en verzocht vernietiging van het hofarrest voor zover het de proceskosten betreft.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de proceskostenvergoeding onjuist had berekend, omdat het aantal punten voor proceshandelingen te laag was vastgesteld. De Hoge Raad vernietigde het hofarrest uitsluitend voor dit onderdeel en veroordeelde de Inspecteur tot betaling van €805 proceskosten. Tevens werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over proceskostenvergoeding en veroordeelt Staatssecretaris tot betaling van correcte proceskosten.