ECLI:NL:HR:2006:AY7002
Hoge Raad
- Herziening
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van herzieningsverzoek in milieuzaken wegens ontbreken nieuwe omstandigheden
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een vonnis van de Economische Politierechter te Middelburg uit 2002, waarin de aanvrager werd veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk overtreden van een milieureglement. De aanvrager stelde dat de gemeente de dwangsombeschikking had herzien, waardoor hij niet langer aan een bijzondere voorwaarde hoefde te voldoen.
De Hoge Raad beoordeelde of deze wijziging een nieuwe omstandigheid vormde die rechtvaardigt dat het vonnis wordt herzien. Volgens artikel 457 Sv Pro kunnen alleen nieuwe, met bewijsmiddelen gestaafde omstandigheden die bij het oorspronkelijke onderzoek niet bekend waren en die het ernstig vermoeden wekken dat het onderzoek tot vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging, niet-ontvankelijkheid of een lichtere straf zouden leiden, een grond voor herziening vormen.
De Hoge Raad oordeelde dat de wijziging door de gemeente geen zodanige nieuwe omstandigheid is. De aanvrage voldeed niet aan de vereisten van artikel 459 Sv Pro en kon daarom niet worden ontvangen. Het verzoek tot herziening werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van nieuwe omstandigheden.