ECLI:NL:HR:2006:AY8651
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- A.R. Leemreis
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over WOZ-waarde woonboerderij wegens motiveringsgebrek
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woonboerderij, die door de gemeente was vastgesteld op ƒ 260.000 (€ 117.982). Na bezwaar handhaafde de gemeente deze waarde. Het hof verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en stelde de waarde vast op ƒ 200.000 (€ 90.756), rekening houdend met de slechte onderhoudstoestand en ligging.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de opstal vanwege de slechte staat geen waarde zou moeten krijgen, omdat een koper waarschijnlijk zou slopen en nieuw bouwen, met sloop- en bouwrijpmaakkosten. De Hoge Raad oordeelde dat het hof deze stelling niet of onvoldoende had gemotiveerd in zijn uitspraak, waardoor het arrest niet aan de motiveringseis voldeed.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof, behoudens het griffierecht, en verwees de zaak naar het gerechtshof Arnhem voor een volledige herbeoordeling met inachtneming van dit arrest. Tevens werd bepaald dat de gemeente het griffierecht van belanghebbende vergoedt. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof wegens motiveringsgebrek en verwijst de zaak voor herbeoordeling naar het gerechtshof Arnhem.