ECLI:NL:HR:2006:AY9219
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Betaling schadevergoeding door moedermaatschappij aan curator wegens onttrokken baten aan failliete vennootschap
Deze zaak betreft een geschil tussen een moedermaatschappij en de curator in het faillissement van een voormalige extern adviseur en feitelijk bestuurder. De curator vorderde betaling van schadevergoeding wegens managementwerkzaamheden waarbij baten bewust aan de boedel zijn onttrokken.
De rechtbank veroordeelde de moedermaatschappij tot betaling van een schadevergoeding van ƒ 870.000,--, welke uitspraak door het gerechtshof werd vernietigd en vervangen door een veroordeling tot betaling van € 313.108,34, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 8 april 1997. Beide uitspraken betroffen de vergoeding aan de boedel voor onttrokken baten.
De moedermaatschappij stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof, terwijl de curator een voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep instelde. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van de moedermaatschappij en wees het incidentele beroep van de curator af, waarmee de veroordeling tot betaling van schadevergoeding definitief werd bevestigd.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, gelet op artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. De moedermaatschappij werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de moedermaatschappij wordt verworpen en de veroordeling tot betaling van schadevergoeding aan de curator wordt bevestigd.