Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2006:AZ1667

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 december 2006
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
00562/06 B
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Nietig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552a SvArt. 24 SvArt. 22 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens niet-openbare behandeling en uitspraak bij beklag ex art. 552a Sv

De zaak betreft een beklag ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, waarbij de Rechtbank Amsterdam het beklag ongegrond verklaarde. De klager vorderde de teruggave van een hond, maar de rechtbank wees dit af.

In cassatie werd aangevoerd dat de behandeling door de raadkamer en de uitspraak niet in het openbaar hadden plaatsgevonden, zoals voorgeschreven in artikel 552a lid 6 en artikel 24 lid 1 Sv Pro. De Hoge Raad oordeelde dat deze voorschriften van wezenlijk belang zijn en dat niet-naleving leidt tot nietigheid van de behandeling en de beschikking, tenzij toepassing is gegeven aan de uitzonderingen in artikel 22 lid 2 en Pro 3 Sv.

Het proces-verbaal vermeldde niet dat de behandeling openbaar was en ook de beschikking vermeldde niet dat de uitspraak in het openbaar was gedaan. Er was geen bewijs dat de uitzonderingen van artikel 22 lid 2 en Pro 3 Sv waren toegepast. Daarom vernietigde de Hoge Raad de bestreden beschikking en verwees de zaak terug naar de Rechtbank Amsterdam voor een nieuwe behandeling en beslissing op het klaagschrift.

De beschikking werd gegeven door de vice-president en raadsheren in raadkamer en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 19 december 2006.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking wegens niet-openbare behandeling en uitspraak en wijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling.

Uitspraak

19 december 2006
Strafkamer
nr. 00562/06 B
EC/CAW
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank te Amsterdam van 21 oktober 2005, nummer RK 05/2816 op een beklag als bedoeld in art. 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door:
[Klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1957, wonende te [woonplaats].
1. De bestreden beschikking
De Rechtbank heeft ongegrond verklaard het door de klager ingediende beklag strekkende tot teruggave aan hem van de in bovenvermelde beschikking omschreven hond.
2. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze hebben mr. G.P. Hamer en mr. B.P. de Boer, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.
3. Beoordeling van het middel
3.1. Het middel behelst de klacht dat de behandeling in raadkamer en de uitspraak niet in het openbaar hebben plaatsgevonden, althans dat daarvan niet blijkt uit het proces-verbaal van de behandeling in raadkamer en de bestreden beschikking.
3.2. Art. 552a, zesde lid, Sv bepaalt dat de behandeling van het klaagschrift door de raadkamer plaatsvindt in het openbaar. Ingevolge art. 24, eerste lid, Sv moet dan de beschikking in het openbaar worden uitgesproken.
3.3. Deze voorschriften zijn van zodanig wezenlijke betekenis dat - wat betreft de behandeling behoudens toepassing van art. 22, tweede en derde lid, Sv - de niet-naleving daarvan tot nietigheid van de behandeling en de beschikking leidt.
3.4. Het proces-verbaal van de behandeling van de raadkamer van 6 oktober 2005 houdt niet in dat de behandeling in het openbaar heeft plaatsgevonden, zodat het ervoor moet worden gehouden dat zulks niet is geschied, terwijl niet blijkt dat toepassing is gegeven aan het bepaalde in art. 22, tweede en derde lid, Sv. De bestreden beschikking houdt niet in dat deze in het openbaar is uitgesproken.
3.5. Het middel is terecht voorgesteld.
4. Slotsom
Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist
5. Beslissing
De Hoge Raad:
Vernietigt de bestreden beschikking;
Wijst de zaak terug naar de Rechtbank te Amsterdam opdat de zaak op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en J. de Hullu, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 december 2006.