ECLI:NL:HR:2007:AZ3564
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- W.A.M. van Schendel
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid tweede inbeslagneming computers ondanks verschoningsrecht advocaat
Een oud-advocaat werd verdacht van valsheid in geschrift en verspreiding van een vals persbericht. Op 16 juli 2005 werden zijn computers in beslag genomen zonder voorafgaand overleg met een rechter-commissaris en de deken, waardoor de voorzieningenrechter op 22 juli 2005 het beslag onrechtmatig verklaarde en teruggave gelastte.
Op dezelfde dag werden de computers in aanwezigheid van de rechter-commissaris en de waarnemend deken opnieuw in beslag genomen, waarbij was afgesproken dat geen onderzoek zou plaatsvinden totdat de rechtbank over het klaagschrift had beslist. De rechtbank verklaarde het tweede beslag rechtmatig, omdat het verschoningsrecht van de advocaat voldoende werd gewaarborgd.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep. De Raad herhaalde dat computerbestanden die voorwerp zijn van het strafbare feit zonder toestemming kunnen worden onderzocht, en dat het verschoningsrecht niet betekent dat de gehele computer slechts met toestemming in beslag mag worden genomen. Ook oordeelde de Hoge Raad dat een eenmaal onrechtmatig geoordeeld beslag niet uitsluit dat een tweede inbeslagneming rechtmatig kan zijn.
De Hoge Raad concludeerde dat de tweede inbeslagneming rechtmatig was en dat het onderzoek naar de bestanden op een wijze zal plaatsvinden waarbij het verschoningsrecht van de advocaat wordt gerespecteerd. Het beroep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de tweede inbeslagneming van de computers rechtmatig was en het verschoningsrecht werd gerespecteerd.