ECLI:NL:HR:2007:AZ6748
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens kennelijke misslag in tenlastelegging taxivervoer zonder vergunning
Aanvrager is veroordeeld voor het zonder vergunning verrichten van taxivervoer op 5 februari 2003 met een auto met kenteken 14-GJ-VS. Hij stelt echter dat hij op die dag niet heeft gereden in een auto met dat kenteken, maar in een auto met een ander kenteken. Uit het politieproces-verbaal blijkt dat aanvrager werd aangehouden in een groene Mercedes met een ander kenteken dan vermeld in de tenlastelegging.
Hoewel de stelling van aanvrager naar alle waarschijnlijkheid juist is, oordeelt de Hoge Raad dat deze kennelijke misslag in de tenlastelegging geen grond voor herziening oplevert. Zelfs als de Economische Politierechter destijds van deze omstandigheid op de hoogte was geweest, zou dit niet hebben geleid tot vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging, niet-ontvankelijkheid of een lichtere straf, maar slechts tot een verbeterde lezing van de tenlastelegging.
De Hoge Raad concludeert dat het herzieningsverzoek kennelijk ongegrond is omdat het niet voldoet aan de vereisten van artikel 457, eerste lid, onder 2°, Sv. Het verzoek wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek wordt afgewezen omdat de kennelijke misslag in de tenlastelegging geen grond voor herziening vormt.