ECLI:NL:HR:2007:AZ7463
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt juiste toepassing verontreinigingsheffing bij autowasbedrijf
Belanghebbende kreeg voor de jaren 2000 en 2001 aanslagen opgelegd in de verontreinigingsheffing oppervlaktewateren door het Waterschap Groot Salland. Na bezwaar werden deze aanslagen verminderd, maar belanghebbende ging in beroep bij het Hof. Het Hof vernietigde de uitspraken van de heffingsambtenaar en stelde de aanslagen aanzienlijk lager vast.
Het Waterschap stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. Het centrale geschilpunt was of de bedrijfsruimte van belanghebbende kon worden aangemerkt als een inrichting uitsluitend bestemd voor het uitwendig wassen van motorvoertuigen, en of het reinigen van een motorblok door innevelen met ontvettingsmiddel en afspuiten hieronder valt.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht het feitelijk gebruik van de bedrijfsruimte als beslissend uitgangspunt had genomen en dat het reinigen van het motorblok als onderdeel van het uitwendig wassen moet worden gezien. Ook verwierp de Hoge Raad de klacht over de toepassing van de gebruikelijke saneringsmaatregelen, aangezien deze slechts een verklarend karakter hebben en geen voorwaarde vormen voor de toegepaste coëfficiënt.
Het beroep in cassatie werd ongegrond verklaard en het Waterschap werd veroordeeld in de proceskosten. Hiermee bleef de lagere uitspraak van het Hof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van het Waterschap wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Hof blijft in stand.