ECLI:NL:HR:2007:AZ8603
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Definitieve vaststelling bedrag verschuldigde declaraties advocaat-cliënt
In deze zaak gaat het om een declaratiegeschil tussen een cassatieadvocaat en zijn cliënt. Na een eerdere tussenbeschikking van de Hoge Raad op 26 januari 2007, waarin het bedrag van het verschuldigde en onvergolden deel van de declaraties voorlopig werd vastgesteld op €5.979,78, heeft de advocaat verzocht dit bedrag definitief vast te stellen. De cliënt heeft niet gereageerd op dit verzoek.
De Hoge Raad heeft overwogen dat het bedrag abusievelijk niet was verminderd met een creditnota, maar desondanks het bedrag van €5.979,78 definitief vast te stellen. Tevens is bepaald dat tegen dit bevelschrift binnen vier weken verzet kan worden aangetekend.
Deze uitspraak betreft de tenuitvoerlegging van declaraties van 25 juli 2003, 20 oktober 2003 en 5 januari 2004 en geeft duidelijkheid over de definitieve hoogte van het verschuldigde bedrag tussen advocaat en cliënt.
Uitkomst: Het bedrag van €5.979,78 aan verschuldigde declaraties wordt definitief vastgesteld.