ECLI:NL:HR:2007:AZ9678

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 maart 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
43336
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • P.J. van Amersfoort
  • C.B. Bavinck
  • A.R. Leemreis
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3.76 Wet IB 2001Art. 3.7.6 Wet IB 2001Art. 3.4 Wet IB 2001Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Geen recht op zelfstandigenaftrek voor directeur-grootaandeelhouder

Belanghebbende, een directeur-grootaandeelhouder van een besloten vennootschap, kreeg voor het jaar 2001 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd de aanslag gehandhaafd en het beroep ongegrond verklaard. Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen de uitspraak van het Hof.

De Hoge Raad beoordeelde de klachten en oordeelde dat het Hof terecht had geoordeeld dat de zelfstandigenaftrek niet geldt voor directeur-grootaandeelhouders zoals belanghebbende, op grond van artikel 3.76 van de Wet IB 2001. De overige klachten werden eveneens verworpen zonder nadere motivering, omdat deze niet leidden tot rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad wees ook een veroordeling in proceskosten af en verklaarde het beroep ongegrond. Hiermee is bevestigd dat directeur-grootaandeelhouders geen zelfstandigenaftrek kunnen claimen, wat belangrijke gevolgen heeft voor de fiscale behandeling van dergelijke personen.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de zelfstandigenaftrek wordt niet toegekend aan de directeur-grootaandeelhouder.

Uitspraak

Nr. 43.336
2 maart 2007
whk
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende)tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 19 juni 2006, nr. 04/00050, betreffende een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is voor het jaar 2001 een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft het beroep ongegrond verklaard. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Minister van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
De Minister heeft een conclusie van dupliek ingediend.
3. Beoordeling van de klachten
3.1. Het Hof heeft met juistheid beslist dat voor belanghebbende als directeur-grootaandeelhouder van een B.V. de zelfstandigenaftrek als bedoeld in artikel 3.76 van de Wet IB 2001 niet geldt. Voorzover de klachten zich tegen dit oordeel keren, falen zij mitsdien.
3.2. De klachten kunnen voor het overige evenmin tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten in zoverre niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer P.J. van Amersfoort als voorzitter, en de raadsheren C.B. Bavinck en A.R Leemreis, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 2 maart 2007.