ECLI:NL:HR:2007:BA3587
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over bewijslast en medische fout bij beroepsaansprakelijkheid arts
In deze zaak vordert een patiënte schadevergoeding wegens een zenuwaandoening (drukneuropathie) die zij na een operatie onder algehele anesthesie heeft opgelopen. Zij stelt dat de aandoening is veroorzaakt door een medische fout van de gynaecoloog en anesthesioloog tijdens of na de operatie. De rechtbank wees de vordering toe, maar het gerechtshof vernietigde dit en wees de vordering af, oordelend dat onvoldoende bewijs was voor een medische fout.
De Hoge Raad bevestigt dat op de patiënt in beginsel de bewijslast rust voor het aantonen van een medische fout, maar dat de artsen een verzwaarde stelplicht hebben om voldoende feitelijke gegevens te verschaffen ter motivering van hun betwisting. Het hof heeft terecht geoordeeld dat de artsen aan deze verplichting voldeden en dat de complicatie ook zonder medische fout kan zijn ontstaan.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van de patiënte, oordeelt dat het hof geen onjuiste rechtsopvatting heeft gehanteerd en dat het hof voldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat er onvoldoende aanwijzingen zijn voor een medische fout. Het beroep wordt afgewezen en de patiënte wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de patiënte wordt verworpen en de vordering afgewezen.