ECLI:NL:HR:2007:BA7734
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Huurgeschil over mondeling aangegane huurovereenkomst en ontruiming
In deze zaak vorderden huurders een verklaring voor recht dat er een mondelinge huurovereenkomst bestond op de dag van hun eerder aangezegde ontruiming, en betaling van een geldbedrag wegens tekortkoming door de woningstichting. De kantonrechter wees de vordering af, en het gerechtshof bevestigde dit oordeel na bewijslevering en getuigenverhoren.
De huurders stelden dat op 16 oktober 2000 een mondelinge huurovereenkomst was gesloten, maar het hof oordeelde dat dit niet voldoende was bewezen. Tegen deze uitspraken werd cassatie ingesteld, maar de Hoge Raad verwierp het beroep zonder nadere motivering, omdat de klachten niet leidden tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad veroordeelde de eisers in de kosten van het geding in cassatie en bevestigde daarmee de eerdere uitspraken. De zaak betreft een huurgeschil tussen een woningstichting en huurders over het bestaan van een huurovereenkomst en de gevolgen van ontruiming.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van de vordering wegens het ontbreken van een mondelinge huurovereenkomst.