ECLI:NL:HR:2007:BB3437
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C.J.J. van Maanen
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Vernietiging precariobelasting aanslag wegens ontbreken gedogen door gemeente
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2002 een aanslag precariobelasting opgelegd door de gemeente Hilversum voor het innemen van een ligplaats met zijn woonark op gemeentegrond. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd de aanslag gehandhaafd. Het Hof oordeelde dat de gemeente haar recht niet had prijsgegeven om tegen het innemen van de ligplaats op te treden en wees het beroep af.
De Hoge Raad stelt echter vast dat de gemeente de aanwezigheid van de woonark feitelijk heeft gedoogd, onder meer door het toestaan van voorzieningen en het voeren van overleg over een gebruiksregeling. Dit schept een verhouding die beheerst wordt door redelijkheid en billijkheid, waardoor de gemeente niet zomaar kan optreden tegen de woonark zolang het overleg voortduurt.
Daarmee ontbreekt de vereiste toestemming of gedogen voor het heffen van precariobelasting, zoals vereist op grond van de Verordening Precariobelasting 2002. De Hoge Raad verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraken van het Hof en de heffingsambtenaar, vernietigt de aanslag en veroordeelt de gemeente tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De aanslag precariobelasting wordt vernietigd wegens ontbreken van gedogen door de gemeente.