ECLI:NL:HR:2007:BB4738
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- L. Monné
- J.W.M. Tijnagel
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over rente eigen woning en rekening-courantschuld
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1997 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd die na bezwaar werd gehandhaafd door de Inspecteur. Het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en verminderde de aanslag. De Staatssecretaris stelde tegen dit hofarrest cassatieberoep in.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onjuist had geoordeeld dat de rente over de toename van de rekening-courantschuld volledig tot de eigenwoningschuld behoorde. De Inspecteur had gesteld dat een deel van de toename verband hield met aflossing van een andere schuld die niet betrekking had op de eigen woning. Het hof had deze stelling onbesproken gelaten, waardoor deze als juist moest worden aangenomen. Hierdoor kon het hofoordeel niet in stand blijven.
De Hoge Raad vernietigde het hofarrest, behoudens het onderdeel over griffierecht, en verwees de zaak naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling. De Hoge Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en liet de kostenverdeling aan het verwijzingshof over.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest over de rente eigen woning en verwijst de zaak voor nieuwe beoordeling naar het Gerechtshof Arnhem.