ECLI:NL:HR:2007:BB5597
Hoge Raad
- Cassatie
- L. Monné
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ongegrondverklaring beroep tegen aanslag inkomstenbelasting 2001
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2001 een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd. Na bezwaar van belanghebbende handhaafde de Inspecteur deze aanslag. Vervolgens verklaarde het Hof het beroep van belanghebbende tegen deze uitspraak ongegrond.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het vonnis van het Hof en diende drie middelen in. De Staatssecretaris van Financiën diende een verweerschrift in en belanghebbende een conclusie van repliek.
De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat de middelen niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzaakten. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Het arrest werd gewezen door de raadsheren Monné, Schaap en Tijnagel en op 12 oktober 2007 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof bevestigd.