ECLI:NL:HR:2008:BC0810
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- J.W. Ilsink
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitleg 'ter beschikking stellen' in Wet milieugevaarlijke stoffen
In deze zaak stond centraal de uitleg van het begrip 'ter beschikking stellen' zoals bedoeld in artikel 34, eerste lid, van de Wet milieugevaarlijke stoffen (Wms). De verdachte werd door het Hof veroordeeld wegens het niet voldoen aan de etiketteringsplicht bij het ter beschikking stellen van gevaarlijke stoffen, ondanks dat de stoffen bestemd waren voor uitvoer naar het buitenland.
De verdediging stelde dat 'ter beschikking stellen' moest worden uitgelegd als het op de markt brengen binnen Nederland, waardoor de etiketteringsplicht niet van toepassing zou zijn op stoffen die direct voor export bestemd zijn. Dit standpunt werd uitdrukkelijk onderbouwd en diende volgens artikel 359, tweede lid, Sv in het arrest te worden gemotiveerd.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd waarom dit standpunt werd verworpen, maar dat dit niet tot cassatie leidt omdat de uitleg van de wetgever anders is. De term 'ter beschikking stellen' omvat elke vorm van aanbieden of vervreemden van gevaarlijke stoffen, ongeacht of dit met het oog op uitvoer naar het buitenland gebeurt. Dit is in lijn met het doel van de Wms om effectieve bescherming van mens en milieu te waarborgen.
Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling van de verdachte blijft in stand. Het arrest benadrukt het belang van etikettering bij elke vorm van ter beschikking stellen van milieugevaarlijke stoffen, ook bij export.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling wegens het niet voldoen aan de etiketteringsplicht blijft in stand.