ECLI:NL:HR:2008:BC2802
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing vordering in civiele zaak na hoger beroep
Eiser heeft verweerder gedagvaard en gevorderd om betaling van een bedrag van €14.808,13 met rente en kosten. De rechtbank wees de vordering af, waarna eiser hoger beroep instelde. Verweerder stelde incidenteel hoger beroep in. Het gerechtshof bekrachtigde bij arrest de vonnissen van de rechtbank. Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof.
Verweerder was niet verschenen in cassatie, en verstek werd tegen hem verleend. De advocaat-generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van eiser geen aanleiding geven tot cassatie, mede gelet op artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering. Het beroep werd verworpen en eiser werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie, met nihil aan de zijde van verweerder.
Het arrest werd gewezen door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Van Oven en Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Numann op 28 maart 2008.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het gerechtshof.