ECLI:NL:HR:2008:BC3171
Hoge Raad
- Cassatie
- F.W.G.M. van Brunschot
- P.J. van Amersfoort
- A.R. Leemreis
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-aftrekbaarheid dotatie voorziening werknemersopties
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2001 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd waarbij een dotatie aan een voorziening voor een optieverplichting niet werd geaccepteerd door de Inspecteur. Het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en stelde de Inspecteur in het gelijk.
Belanghebbende stelde dat uit parlementaire uitlatingen en een besluit van de Staatssecretaris vertrouwen kon worden ontleend aan aftrekbaarheid van dergelijke dotaties, en dat andere belastingplichtigen gunstiger werden behandeld. De Hoge Raad verwierp deze argumenten en oordeelde dat de uitlatingen geen beleidsregel bevatten en dat het Besluit geen ongeoorloofd onderscheid maakt.
Verder bevestigde de Hoge Raad dat het voldoen aan een optieverplichting, ook door inkopen van eigen aandelen, de winstsfeer niet raakt, waardoor het vormen van een voorziening niet mogelijk is. Het beroep in cassatie werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de dotatie aan de voorziening niet aftrekbaar is.