ECLI:NL:HR:2008:BC5339
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- E.N. Punt
- J.A.C.A. Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over termijnoverschrijding bezwaarschrift naheffingsaanslag omzetbelasting
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd voor de periode 1997-1999. De Inspecteur verklaarde het bezwaarschrift tegen deze aanslag niet-ontvankelijk vanwege overschrijding van de bezwaartermijn. Het hof bevestigde deze niet-ontvankelijkheid, stellende dat het aanslagbiljet op 13 maart 2001 was uitgereikt en het bezwaarschrift pas op 14 augustus 2002 werd ingediend, ruim na de termijn.
Belanghebbende stelde dat mogelijk de FIOD het aanslagbiljet had meegenomen, waardoor tijdige indiening werd bemoeilijkt. Het hof verwierp dit en oordeelde dat de termijnoverschrijding aan belanghebbende kon worden toegerekend. De Hoge Raad oordeelt echter dat indien de FIOD het biljet heeft meegenomen binnen de termijn, dit een niet aan belanghebbende toe te rekenen omstandigheid is die een verschoonbare termijnoverschrijding kan rechtvaardigen.
De Hoge Raad verklaart het beroep gegrond, vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens wordt de Staat veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling met toepassing van artikel 6:11 Awb inzake verschoonbare termijnoverschrijding.