ECLI:NL:HR:2008:BC7569
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- W.A.M. van Schendel
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek in diefstalzaak met gebruik valse sleutel en giropas
De zaak betreft een herzieningsverzoek tegen een vonnis van de Rechtbank te 's-Gravenhage van 29 december 2006, waarin de aanvrager is veroordeeld voor diefstal met gebruik van een valse sleutel en het oneigenlijk gebruik van de giropas van de benadeelde partij. De bewezenverklaring betrof het wegnemen van geldbedragen op 26 november 2002 bij een aankoop van audio- en visuele apparatuur.
De verdediging stelde dat de aanvrager op die dag werkzaam was in Rotterdam en dus niet bij de aankoop in Den Haag aanwezig kon zijn. Ook werd aangevoerd dat het ging om een schenking van de benadeelde partij aan een medeverdachte, en dat de aanvrager niets met de aankoop te maken had. De rechtbank oordeelde echter dat de wisselende verklaringen van de verdachte en het bewijs van pintransacties en contante betalingen met de giropas van de benadeelde partij de betrokkenheid van de aanvrager aannemelijk maakten.
De Hoge Raad overwoog dat het overgelegde novum, de urenregistraties, geen ernstig vermoeden wekte dat het onderzoek tot vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging had moeten leiden. De overige aangevoerde feiten en omstandigheden waren reeds aan de rechter voorgelegd. Daarom werd het herzieningsverzoek afgewezen.
De veroordeling tot een werkstraf van 40 uur, met aftrek 34 uur, subsidiair 17 dagen hechtenis, bleef in stand. De uitspraak werd gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 25 maart 2008.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af en bevestigt de veroordeling tot een werkstraf van 40 uur, met aftrek 34 uur, subsidiair 17 dagen hechtenis.