ECLI:NL:HR:2008:BD2745
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- A.J.A. van Dorst
- W.A.M. van Schendel
- J.W. Ilsink
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens ontbreken stellige en duidelijke klachten
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door de verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden. De Hoge Raad heeft beoordeeld of de ingebrachte middelen van cassatie voldoen aan de wettelijke criteria, namelijk dat zij stellige en duidelijke klachten moeten bevatten over de schending van rechtsregels of verzuim van toepasselijke vormvoorschriften door de lagere rechter.
De eerste en tweede middelen voldeden niet aan deze vereisten en konden daarom niet inhoudelijk worden behandeld. Het derde middel kon niet tot cassatie leiden en behoefde geen nadere motivering, aangezien het niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling leidde.
De Hoge Raad zag ook geen reden om ambtshalve de bestreden uitspraak te vernietigen. Daarom werd het cassatieberoep verworpen. Het arrest werd gewezen door de vice-president en vier raadsheren en uitgesproken op 24 juni 2008.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen wegens het ontbreken van stellige en duidelijke klachten.