ECLI:NL:HR:2008:BD3131
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw zijn voor toelating
Verzoekster werd toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) door de rechtbank Arnhem, die op 5 maart 2007 de definitieve toepassing uitsprak. Na een brief van de bewindvoerder en een brief van de gemeente Nijmegen werd verzoekster gehoord op 25 september 2007. De rechtbank stelde bij vonnis van 4 oktober 2007 vast dat verzoekster niet te goeder trouw was geweest ten aanzien van het ontstaan en het onbetaald laten van bepaalde schulden, en beëindigde daarop de schuldsaneringsregeling. Tevens werd een curator benoemd in haar faillissement.
Verzoekster ging in hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem, dat het vonnis van de rechtbank op 10 december 2007 bekrachtigde. Tegen dit arrest stelde verzoekster beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten in het cassatiemiddel niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling definitief bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens het niet te goeder trouw zijn van verzoekster.