ECLI:NL:HR:2008:BD3172
Hoge Raad
- Cassatie
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- J.A.C.A. Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Herinvesteringsreserve bij deels onder landbouwvrijstelling vallend verkoopresultaat
Belanghebbende verkocht in 2001 een perceel landbouwgrond met agrarische bestemming voor €857.145, waarvan de waarde in het economische verkeer bij agrarische bestemming €108.975 bedroeg. De boekwaarde was €29.738. Bij de aangifte vennootschapsbelasting vormde belanghebbende een herinvesteringsreserve van €827.407. De Inspecteur corrigeerde deze neerwaarts.
Het hof oordeelde dat belanghebbendes herinvesteringsvoornemen niet betrekking had op een bedrijfsmiddel met dezelfde economische functie, omdat zij voornemens was meer dan drie hectare agrarische grond te kopen tegen een prijs gelijk aan de WEVAB. De Hoge Raad stelde dat dit oordeel onjuist was en onvoldoende gemotiveerd, omdat belanghebbende aangaf dat de grondprijzen hoger waren dan de WEVAB.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen naar het hof voor verdere behandeling.