ECLI:NL:HR:2008:BD3652
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewijs en verwerpt cassatie in zaak inrijden op personen
Op 27 juni 2002 reed verdachte met hoge snelheid met een personenauto op twee slachtoffers in Eindhoven, waarbij één slachtoffer werd aangereden en zwaar gewond raakte. Verdachte had kort daarvoor een ruzie gehad en mishandelde een van de slachtoffers.
Het gerechtshof sprak verdachte vrij van het primaire tenlastegelegde, maar veroordeelde hem voor poging tot doodslag, mishandeling en een verkeersovertreding. De bewijsvoering bestond onder meer uit verklaringen van de slachtoffers, de verdachte zelf en videobeelden waarop te zien was dat de auto met onverminderde snelheid recht op de slachtoffers afreed.
Verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof onrechtmatig had vastgesteld dat hij het voetpad opreed terwijl de slachtoffers op het fietspad liepen, en dat dit niet door bewijsmiddelen werd ondersteund. De Hoge Raad oordeelde dat deze manoeuvre en locatie van ondergeschikte aard waren en dat de bewijsmiddelen voldoende waren om het feit van het inrijden met opzet te dragen. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk.