ECLI:NL:HR:2008:BD4876
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt opzet bij gebruik van valse salarisspecificaties in fraudezaak
In deze strafzaak stond de vraag centraal of verdachte opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse of vervalste salarisspecificaties en een valse brief van de belastingdienst. Het hof had bewezen verklaard dat verdachte op 11 september 2003 te Breda deze valse documenten aan de rechtbank had overgelegd.
Verdachte voerde in cassatie aan dat niet bewezen kon worden dat hij met het vereiste opzet handelde. De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof terecht had geoordeeld dat verdachte, gezien zijn betrokkenheid bij de bedrijfsvoering van zijn B.V.'s en zijn kennis van de ingediende stukken bij de fiscus, wist dat de overgelegde salarisspecificaties vals waren.
De Hoge Raad verwierp de klacht dat het hof onvoldoende had gemotiveerd dat verdachte opzet had, en stelde dat zelfs indien aangenomen zou worden dat de in de computer aangetroffen specificaties door verdachte bij de fiscus waren ingediend, dit oordeel geen zelfstandige betekenis heeft in het kader van de bewijsmotivering. Het cassatieberoep werd verworpen en het arrest van het hof bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat verdachte opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse salarisspecificaties.