ECLI:NL:HR:2008:BD5511
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt beroep inzake onvoldoende gespecificeerd bewijsaanbod in huwelijksvermogensrecht
De vrouw dagvaardde de man om binnen twee weken na vonnis alle inlichtingen te verstrekken over de vermogensbestanddelen van de ontbonden huwelijksgemeenschap en om een boedelbeschrijving op te maken conform art. 3:194 BW Pro, onder verbeurte van dwangsommen. De rechtbank veroordeelde de man daartoe, maar stelde de zaak verder voor onbepaalde tijd aan.
Het hof vernietigde dit vonnis en wees de vorderingen van de vrouw af, mede vanwege een onvoldoende gespecificeerd aanbod tot het leveren van nader bewijs. De vrouw stelde hiertegen beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van de vrouw niet tot cassatie konden leiden en dat het beroep verworpen moest worden op grond van art. 81 RO Pro. De Hoge Raad compenseerde de kosten van het geding in cassatie zodanig dat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een vierde raadsheer op 5 september 2008.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van de vorderingen wegens onvoldoende gespecificeerd bewijsaanbod.