ECLI:NL:HR:2008:BD7589
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Wijziging en nihilstelling partner- en kinderalimentatie bij schuldsaneringsregeling
De man verzocht bij de rechtbank Amsterdam om zijn partner- en kinderalimentatie wegens gewijzigde omstandigheden, waaronder werkloosheid en toepassing van de schuldsaneringsregeling, met ingang van 1 juli 2003 of 18 oktober 2004 op nihil te stellen. De rechtbank stelde de alimentatieverplichtingen op nihil vanaf 1 juli 2003. De vrouw ging in hoger beroep, waarna het hof Amsterdam de beschikking vernietigde en de alimentatie slechts nihil stelde voor de periode van 20 juli 2006 tot 1 maart 2007, omdat de man toen weer werkte.
Het hof oordeelde dat de schuldsaneringsregeling geen reden was om de alimentatieverplichtingen voor de periode na 1 maart 2007 te wijzigen, omdat de man onvoldoende inzicht had gegeven in zijn schulden en de feiten van de schuldsanering. De man stelde in cassatie dat het hof ten onrechte draagkracht aannam na 1 maart 2007, omdat volgens art. 295 lid 2 Faillissementswet Pro het vrij te laten bedrag bepalend is.
De Hoge Raad bevestigde dat bij een saniet de rechter rekening moet houden met het door de rechter-commissaris vastgestelde vrij te laten bedrag, dat meestal onder het bijstandsniveau ligt, en dat de saniet in beginsel geen draagkracht heeft voor alimentatie. Omdat het hof niet had vastgesteld dat het vrij te laten bedrag hoger was vastgesteld, was het onbegrijpelijk dat het hof draagkracht aannam na 1 maart 2007. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.