ECLI:NL:HR:2008:BF0799
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- W.A.M. van Schendel
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek snelheidsovertreding op naam van eigenaar auto
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een vonnis van de Rechtbank Alkmaar waarin de aanvrager werd veroordeeld voor een snelheidsovertreding op 2 maart 2007 te Heerhugowaard met een personenauto die op zijn naam stond geregistreerd. De aanvrager stelde dat hij niet de bestuurder was en dat een ander de overtreding had begaan. Hij had een valse aangifte van diefstal gedaan om de situatie te beëindigen.
De Hoge Raad overwoog dat de feiten en omstandigheden die de aanvrager aanvoerde, waaronder verklaringen en documenten die aantonen dat de auto onrechtmatig op zijn naam was gezet en dat een ander de overtreding had begaan, reeds bekend waren bij de rechter die de veroordeling had uitgesproken. Dit bleek onder meer uit het proces-verbaal van de aangifte en verklaringen van het CJIB.
Op grond hiervan concludeerde de Hoge Raad dat het verzoek tot herziening kennelijk ongegrond was omdat de nieuwe omstandigheden geen feiten van feitelijke aard bevatten die niet reeds bij de terechtzitting bekend waren. De Hoge Raad wees het verzoek tot herziening daarom af.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af wegens kennelijke ongegrondheid.