ECLI:NL:HR:2008:BG2196
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen teruggave van inbeslaggenomen goederen vanwege strafvorderlijk belang
De zaak betreft een beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Amsterdam die het klaagschrift tot teruggave van inbeslaggenomen goederen ongegrond verklaarde. De klager was gedetineerd en stelde dat de goederen persoonlijk van hem waren, geen relatie hadden met strafbare feiten en dat teruggave noodzakelijk was.
De officier van justitie verzette zich tegen teruggave en stelde dat het strafvorderlijk belang bij handhaving van het beslag gediend was, mede in afwachting van een mogelijk rechtshulpverzoek uit de Verenigde Staten. De rechtbank oordeelde dat het belang van de strafvordering zich verzet tegen opheffing van het beslag omdat de goederen van belang kunnen zijn voor strafvervolging in Nederland of de VS.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en vond dat de rechtbank geen onjuiste rechtsopvatting had gehanteerd en dat het oordeel niet onbegrijpelijk was. Het beroep van de klager werd verworpen en het beslag bleef gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en de teruggave van de inbeslaggenomen goederen wordt niet toegestaan.