ECLI:NL:HR:2008:BG3592

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
C07/162HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing beroep cassatie inzake onrechtmatige daad en misbruik executiebevoegdheid Euro 2000

Eiseres [A] vorderde bij de rechtbank te Assen een verklaring voor recht dat haar handelen in toegangskaarten voor Euro 2000 geen onrechtmatige daad jegens Euro 2000 vormde, en dat Euro 2000 onrechtmatig had gehandeld door het kortgedingvonnis van 9 juni 2000 ten uitvoer te leggen. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd en verwees de zaak naar de rechtbank te 's-Hertogenbosch. Deze wees de vorderingen af en verklaarde eiser 2 niet-ontvankelijk.

In hoger beroep vernietigde het hof de niet-ontvankelijkverklaring van eiser 2, maar wees de vorderingen alsnog af. Tegen dit arrest stelde eiseres cassatieberoep in. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten geen cassatiegronden opleveren en dat het beroep daarom verworpen moet worden.

De Hoge Raad veroordeelde eiseres tevens in de kosten van het geding in cassatie, begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- aan salaris. De uitspraak bevestigt dat het handelen van eiseres onrechtmatig was en dat Euro 2000 geen misbruik van executiebevoegdheid heeft gemaakt.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

19 december 2008
Eerste Kamer
Nr. C07/162HR
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiseres 1],
handelende onder de naam [A],
2. [Eiser 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering,
t e g e n
STICHTING EURO 2000,
gevestigd te Eindhoven,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. M.V. Polak,
thans mr. R.A.A. Duk.
Eisers tot cassatie zullen hierna afzonderlijk worden aangeduid als [eiseres 1] en [eiser 2] en tezamen als [A]. Verweerster zal worden aangeduid als Euro 2000.
1. Het geding in feitelijke instanties
[A] heeft bij exploot van 7 juni 2001 Euro 2000 gedagvaard voor de rechtbank te Assen en gevorderd, kort gezegd, te verklaren voor recht dat (i) [A] door te handelen in toegangskaarten voor het voetbaltoernooi Euro 2000 geen onrechtmatige daad pleegde jegens Euro 2000 en (ii) dat Euro 2000 door de tenuitvoerlegging van het kortgedingvonnis van 9 juni 2000 van de president van de rechtbank te Amsterdam, onrechtmatig heeft gehandeld en aansprakelijk is voor de deswege geleden en nog te lijden schade, op te maken bij staat.
Euro 2000 heeft de vordering bestreden.
De rechtbank te Assen heeft zich, bij vonnis in het incident van 9 oktober 2001, onbevoegd verklaard kennis te nemen van de vordering en de zaak verwezen naar de rechtbank te 's-Hertogenbosch.
De rechtbank te 's-Hertogenbosch heeft na een tussenvonnis van 18 februari 2004 bij eindvonnis van 8 juni 2005 [eiser 2] niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering en de vordering van [eiseres 1] afgewezen.
Tegen beide vonnissen heeft [A] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Bij arrest van 30 januari 2007 heeft het hof de vonnissen waarvan beroep vernietigd voor zover [eiser 2] niet-ontvankelijk is verklaard. In zoverre opnieuw rechtdoende heeft het hof de vorderingen van [eiser 2] afgewezen en de vonnissen voor het overige bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [A] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Euro 2000 heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [A] mede door mr. S.M. Bartman en mr. J. Brandt, advocaten bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiseres 2] heeft bij brief van 13 november 2008 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [A] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Euro 2000 begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 19 december 2008.