ECLI:NL:HR:2008:BG5445
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Keuze normleasevergoeding sluit toepassing autokostenforfait uit
Belanghebbende was in 2002 als accountant in loondienst bij twee werkgevers en had op grond van hun regelingen recht op een leaseauto. Hij koos ervoor af te zien van de leaseauto en ontving in plaats daarvan een maandelijkse uitbetaling van het maximale normleasebedrag als loon. Deze vergoeding was inclusief loonheffing en premies sociale verzekeringen en werd in de jaaropgave als belastbaar loon vermeld.
Bij de aangifte inkomstenbelasting verlaagde belanghebbende zijn belastbaar loon met het uitbetaalde normleasebedrag en gaf hij een voordeel privégebruik auto aan op basis van zijn eigen privéauto. De Inspecteur nam het loon volgens de jaaropgaven als belastbaar loon en hield geen rekening met een voordeel wegens ter beschikking gestelde auto.
De Rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, maar het Hof vernietigde dit en verklaarde het beroep ongegrond. Het Hof oordeelde dat de werkgevers geen auto ter beschikking hadden gesteld en dat het normleasebedrag geen directe relatie had met werkelijke autokosten of gereden kilometers. Ook was er geen sprake van een vrije vergoeding zoals bedoeld in artikel 15b, lid 1, onderdeel b, van de Wet LB 1964.
De Hoge Raad bevestigt deze oordelen en verklaart het cassatieberoep ongegrond. Er is geen reden om het normleasebedrag als vrije vergoeding aan te merken of het autokostenforfait toe te passen. Tevens zijn er geen proceskosten aan belanghebbende toe te wijzen.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de normleasevergoeding niet leidt tot toepassing van het autokostenforfait.