ECLI:NL:HR:2009:BB0658

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 mei 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
43749
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7 Wet OBArt. 9 lid 1 Zesde richtlijnArt. 9 lid 2 sub c Zesde richtlijnArt. 3 lid 2 Dertiende richtlijn
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Teruggaaf Nederlandse omzetbelasting aan buiten de EU gevestigd reisbureau

Belanghebbende is een buiten de EU gevestigd reisbureau dat all-inclusive reizen naar Nederland aanbiedt zonder vaste inrichting in Nederland. De kern van het geschil is of belanghebbende recht heeft op teruggaaf van de aan haar in rekening gebrachte Nederlandse omzetbelasting.

De conclusie van A-G De Wit is dat belanghebbende één enkele dienst verricht aan haar klanten, namelijk een volledig verzorgde reis. Deze prestatie valt niet onder artikel 9, lid 2, sub c van de Zesde richtlijn, maar wordt op grond van artikel 9, lid 1, van die richtlijn geacht te zijn verricht in het land van vestiging, buiten de EU.

Verder wordt geoordeeld dat het bepaalde in artikel 3, lid 2, van de Dertiende richtlijn niet aan teruggaaf in de weg staat, omdat deze bepaling niet in de Nederlandse Wet OB is opgenomen. De Wet OB geeft slechts algemene regels voor teruggaaf, waarbij een niet-EU-ondernemer slechts hoeft aan te tonen dat hij ondernemer is in de zin van artikel 7 Wet Pro OB.

De arresten Debouche en Monte Dei Paschi Di Siena zijn niet van toepassing en er is geen sprake van asymmetrisch of selectief beroep op de Zesde richtlijn. Belanghebbende doet een gelijk beroep op de Wet OB voor zowel voldoening als aftrek van omzetbelasting. De A-G adviseert de Hoge Raad het beroep gegrond te verklaren. De uitspraak wordt niet gepubliceerd.

Uitkomst: De Hoge Raad overweegt dat het buiten de EU gevestigde reisbureau recht heeft op teruggaaf van Nederlandse omzetbelasting.

Uitspraak

Uitspraak wordt niet gepubliceerd.