ECLI:NL:HR:2009:BC2816
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- J.A.C.A. Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid forfaitaire mineralenheffingen en bestemmingsheffing onder Meststoffenwet
Belanghebbende, een maatschap met een vermeerderingsbedrijf, kreeg naheffingsaanslagen opgelegd voor forfaitaire stikstof- en fosfaatheffingen en bestemmingsheffing over 1998. Na bezwaar en een ongegrond verklaard beroep bij het Hof Arnhem, stelde belanghebbende cassatie in tegen het hofarrest.
De Hoge Raad overwoog dat de forfaitaire mineralenheffingen en bestemmingsheffing zijn neergelegd in de Meststoffenwet en dat de forfaits een beleidskeuze van de wetgever zijn die niet aan rechterlijke toetsing onderhevig is, behalve op verenigbaarheid met het EVRM en EU-recht. Het hof had terecht geoordeeld dat de heffingen niet in strijd zijn met de Nitraatrichtlijn en de marktordening binnen de EU, omdat de milieudoelstellingen van Minas niet conflicteren met de gemeenschappelijke landbouwmarkt.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat de heffingen voldoen aan de eisen van rechtszekerheid, zorgvuldigheid en evenredigheid zoals vereist onder het EVRM, en dat de wetgeving voldoende nauwkeurig en voorzienbaar is. Het beroep in cassatie werd ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslagen blijven gehandhaafd.