ECLI:NL:HR:2009:BG4245
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatie wegens ontbreken verzoek tot aanvulling processtukken
In deze zaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage. De kern van het cassatieberoep betrof de klacht dat de aan de Hoge Raad gezonden processtukken niet volledig waren, met name dat een aanvulling op het verkorte arrest ontbrak zoals bedoeld in art. 365a, tweede lid, Sv.
De Hoge Raad overweegt dat een raadsman die meent dat de processtukken onvolledig zijn, binnen de in art. 437, tweede lid, Sv genoemde termijn schriftelijk een verzoek om aanvulling moet indienen bij de rolraadsheer. In deze zaak is niet gebleken dat een dergelijk verzoek is ingediend.
Daarom kan de klacht niet tot cassatie leiden. De Hoge Raad wijst het beroep af zonder nadere motivering, omdat de middelen geen rechtsvragen oproepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Het arrest is gewezen door de vice-president en vier raadsheren van de Strafkamer van de Hoge Raad en uitgesproken op 27 januari 2009.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen wegens het ontbreken van een tijdig verzoek tot aanvulling van de processtukken.