ECLI:NL:HR:2009:BG4829
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake nietigheid dagvaarding en oproepingen
Deze zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch waarin het hof het preliminaire verweer van nietigheid van de dagvaarding en oproepingen verwierp. Verdachte stelde dat de dagvaarding niet tijdig was betekend en dat oproepingen onjuist waren, onder meer omdat hij was opgeroepen voor een zitting waarop de zaak al was behandeld.
Het hof had het verweer gemotiveerd verworpen tijdens een eerdere terechtzitting en verwees naar de procedurele gang van zaken, waarbij onder meer werd vastgesteld dat de dagvaarding niet binnen de termijn was betekend en dat oproepingen niet tijdig waren verzonden. Verdachte voerde aan dat dit tot nietigheid moest leiden, maar het hof oordeelde dat het feitelijke grondslag voor het verweer ontbrak.
De Hoge Raad bevestigt dat het hof het verweer terecht heeft verworpen en dat het motiveringsvereiste van art. 359 Sv Pro niet van toepassing is op dit soort preliminaire verweren volgens art. 358 Sv Pro. Omdat het verweer reeds gemotiveerd was behandeld en verworpen, en daarna ongewijzigd werd herhaald, is er geen belang bij een nadere beslissing in het eindarrest. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.