ECLI:NL:HR:2009:BG9198
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens niet in mindering gebrachte overleveringsdetentie en overschrijding redelijke termijn
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin de verdachte was veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeven jaar. De Hoge Raad oordeelt dat de buitenlandse veroordeling niet als een Nederlandse veroordeling in de zin van art. 63 Sr Pro geldt, zodat deze geen belemmering vormt voor de strafoplegging.
Voorts stelt de Hoge Raad vast dat het hof heeft nagelaten de tijd die de verdachte in België in overleveringsdetentie heeft doorgebracht, in mindering te brengen op de opgelegde straf zoals vereist door art. 27, eerste lid, Sr. De Hoge Raad vernietigt het arrest daarom voor zover dit betreft en beveelt dat deze detentietijd wordt verrekend.
Daarnaast is de redelijke termijn overschreden doordat de Hoge Raad pas na meer dan 28 maanden uitspraak doet. Dit leidt tot een vermindering van de straf met zes maanden. De Hoge Raad vermindert de straf tot zes jaar en zes maanden gevangenisstraf en wijst het beroep voor het overige af.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot zes jaar en zes maanden en de overleveringsdetentie wordt in mindering gebracht.