ECLI:NL:HR:2009:BH1437
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.M.E. Thomassen
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring opzettelijke aanwezigheid cocaïne wegens onvoldoende motivering
Op 2 november 2004 vond een huiszoeking plaats in een woning te Amstelveen waar verdachte samen met anderen werd aangetroffen. In de keuken, die voor alle aanwezigen vrij toegankelijk was, werd een doos met 10 kilogram cocaïne gevonden. Verdachte verbleef in de woning en wisselde verklaringen over de locatie van zijn persoonlijke bezittingen.
Het hof verklaarde bewezen dat verdachte opzettelijk de cocaïne aanwezig had gehad, mede op basis van verklaringen van opsporingsambtenaren, een getuige en deskundigenrapporten. De getuige verklaarde een doos met vermeende marihuana te hebben ontvangen, maar het hof achtte zijn verklaring onbetrouwbaar vanwege zijn weigering vragen te beantwoorden.
De Hoge Raad oordeelde dat uit de bewijsmiddelen en de motivering van het hof niet zonder meer kon worden afgeleid dat verdachte opzettelijk de cocaïne aanwezig had. De motivering voldeed niet aan de wettelijke eisen, waardoor het arrest van het hof werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor hernieuwde behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.