ECLI:NL:HR:2009:BH2685
Hoge Raad
- Cassatie
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming verplichtingen en nieuwe schulden
Verzoeker werd op 18 december 2007 definitief toegelaten tot de schuldsaneringsregeling door de rechtbank Assen. De bewindvoerder verzocht op 17 juli 2008 om beëindiging van deze regeling omdat verzoeker zijn informatieplicht niet nakwam en nieuwe schulden had gemaakt. De rechtbank beëindigde de regeling bij vonnis van 7 oktober 2008 en stelde het salaris van de bewindvoerder vast. De Raad van State stelde hoger beroep in bij het gerechtshof te Leeuwarden, dat het vonnis op 11 december 2008 bekrachtigde.
Verzoeker stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De advocaat-generaal adviseerde tot vernietiging van het arrest, met name vanwege de toepassing van art. 350 lid 3 onder Pro f van de Faillissementswet, die volgens de overgangsbepaling niet van toepassing was op schuldsaneringen die voor 1 januari 2008 waren uitgesproken.
De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof terecht de regeling had beëindigd op grond van de andere twee gronden: het niet afdragen van een ontvangen premie en het ontstaan van nieuwe schulden. De klacht over de toepassing van de overgangsbepaling werd niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang, omdat de beslissing ook zonder die grond stand kon houden. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de beëindiging van de schuldsaneringsregeling.