ECLI:NL:HR:2009:BH3137
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging arbitrale eindvonnis wegens schending opdracht en procesrecht
De zaak betreft een geschil tussen IMS en Modsaf over de vernietiging van arbitrale eindvonnissen in procedures onder de Rules of Arbitration van de ICC. IMS vorderde vernietiging van twee arbitrale vonnissen en een addendum, stellende onder meer dat het scheidsgerecht zijn opdracht had geschonden, dat de arbitrageovereenkomst ontbrak, dat de vonnissen in strijd waren met de openbare orde en dat de vonnissen niet correct waren ondertekend.
De rechtbank wees deze vorderingen af, het hof vernietigde gedeeltelijk het eindvonnis in de 7071-procedure vanwege schending van de opdracht door het scheidsgerecht, maar verwierp de overige gronden. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en benadrukt dat het scheidsgerecht binnen ruime grenzen vrij is in bewijswaardering, maar dat schending van fundamentele procesrechten zoals het recht van hoor en wederhoor kan leiden tot vernietiging.
De Hoge Raad oordeelt dat het scheidsgerecht niet onredelijk bewijslevering heeft geweigerd en dat IMS onvoldoende heeft onderbouwd dat hierdoor de openbare orde is geschonden. Gedeeltelijke vernietiging is toegestaan indien de beslissingen niet onverbrekelijk samenhangen. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van IMS en het incidentele beroep van Modsaf en veroordeelt partijen in de kosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt gedeeltelijke vernietiging van het arbitrale eindvonnis wegens schending van de opdracht door arbiters.