ECLI:NL:HR:2009:BH5151
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- O. de Savornin Lohman
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Betaling openstaand deel aanneemsom en ontbinding overeenkomst aanneming van werk
In deze zaak staat een geschil centraal over een aanneming van werk en de betaling van het openstaande gedeelte van de aanneemsom. Verweerster vordert betaling van een bedrag van €5.739,66 vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten van €662,--. Eiseres bestrijdt deze vorderingen en vordert in reconventie de ontbinding van de overeenkomst, terugbetaling van reeds betaalde bedragen, het slopen van bruggen voor rekening van verweerster en een vergoeding ter compensatie van gemaakte kosten.
De rechtbank heeft in eerste aanleg een deel van de vorderingen toegewezen en de overeenkomst ontbonden. Verweerster stelde hoger beroep in tegen tussenvonnissen en het eindvonnis, terwijl eiseres incidenteel hoger beroep instelde. Het hof verklaarde verweerster niet-ontvankelijk in haar beroep tegen tussenvonnissen, vernietigde het eindvonnis en wees de vorderingen van verweerster alsnog toe, terwijl het de vorderingen van eiseres afwees.
Eiseres stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en verwerpt het beroep. Tevens veroordeelt de Hoge Raad eiseres in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee blijft het arrest van het hof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bevestigd.