ECLI:NL:HR:2009:BI3838
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Vermindering taakstraf wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
De zaak betreft een cassatieberoep van de verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem. De Hoge Raad vernietigt het bestreden arrest uitsluitend voor wat betreft het aantal uren taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis, en vermindert deze naar 171 uren taakstraf en 85 dagen hechtenis.
De Advocaat-Generaal had geconcludeerd tot vernietiging van het arrest met betrekking tot de strafmaat en vermindering daarvan naar de gebruikelijke maatstaf, terwijl het beroep voor het overige werd verworpen. De Hoge Raad oordeelt dat het middel geen cassatiegrond oplevert en dat geen nadere motivering nodig is.
De Hoge Raad stelt vast dat de redelijke termijn zoals bedoeld in art. 6 EVRM Pro is overschreden, omdat meer dan twee jaar zijn verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep. Dit leidt tot vermindering van de taakstraf en de vervangende hechtenis.
Het arrest wordt gewezen door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer van de Hoge Raad en bevat een ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak, waarbij het cassatieberoep voor het overige wordt verworpen.
Uitkomst: De taakstraf wordt verminderd tot 171 uren en de vervangende hechtenis tot 85 dagen wegens overschrijding van de redelijke termijn.