ECLI:NL:HR:2009:BI3877
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
In deze zaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage. De Hoge Raad beoordeelt onder meer de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, EVRM.
De Hoge Raad constateert dat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden en dat meer dan twee jaar zijn verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep. Hierdoor is de redelijke termijn overschreden, wat leidt tot een vermindering van de opgelegde gevangenisstraf.
De Hoge Raad vernietigt daarom de bestreden uitspraak uitsluitend wat betreft de duur van de gevangenisstraf en vermindert deze tot vier jaar en negen maanden. Voor het overige wordt het beroep verworpen. De uitspraak is gewezen door de vice-president en raadsheren van de strafkamer.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot vier jaar en negen maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.