ECLI:NL:HR:2009:BI8560
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing art. 359 lid 2 Sv niet op standpunten in raadkamer bij klaagschrift
In deze zaak stond een cassatieberoep centraal tegen een beschikking van de Rechtbank Zwolle-Lelystad inzake een klaagschrift op grond van artikel 552a Sv. De klaagster stelde dat de rechtbank in strijd met artikel 359, tweede lid, Sv was afgeweken van een duidelijk en onderbouwd standpunt van de verdediging zonder de daarvoor geldende motieven te geven.
De Hoge Raad overwoog dat artikel 359, tweede lid, Sv niet bedoeld is voor standpunten die tijdens de behandeling van een klaagschrift in raadkamer worden ingenomen. Dit betekent dat de rechtbank niet verplicht is om de redenen voor het afwijken van dergelijke standpunten te motiveren.
Op basis hiervan verwierp de Hoge Raad het cassatieberoep en bevestigde dat de procedurele regels rond motivering niet van toepassing zijn op de raadkamerbehandeling van klaagschriften. De zaak werd daarmee definitief afgedaan.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat art. 359, tweede lid, Sv niet van toepassing is op standpunten in raadkamer bij klaagschriften.