ECLI:NL:HR:2009:BJ3682
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep tegen arrest Gerechtshof Arnhem wegens gebrek aan gronden
Op 8 september 2009 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 3 september 2007. Het beroep was ingesteld door verdachte en vertegenwoordigd door mr. R.F. Speijdel. De Advocaat-Generaal Vellinga had geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het arrest werd gewezen door vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter en de raadsheren J. de Hullu en W.F. Groos.
Hiermee bevestigde de Hoge Raad het oordeel van het gerechtshof en wees het beroep van verdachte af zonder inhoudelijke behandeling van de onderliggende strafzaak.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het Gerechtshof Arnhem blijft in stand.