ECLI:NL:HR:2009:BJ3725
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafoplegging voor Opiumwetdelict en verwijst terug naar hof
In deze zaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin hij werd veroordeeld tot vijf weken hechtenis wegens een opzettelijk begaan Opiumwetdelict.
De Hoge Raad heeft het middel dat zich richtte op de strafoplegging gegrond verklaard op basis van de conclusie van de Advocaat-Generaal. Volgens deze conclusie kan voor een opzettelijk begaan Opiumwetdelict geen hechtenis worden opgelegd. Daarom vernietigde de Hoge Raad uitsluitend het onderdeel van het arrest dat betrekking had op de strafoplegging.
De zaak is vervolgens terugverwezen naar het Gerechtshof Amsterdam om de strafoplegging opnieuw te beoordelen en af te doen. Voor het overige werd het beroep verworpen, waarmee het hofarrest in stand blijft wat betreft de overige onderdelen.
De uitspraak werd gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 13 oktober 2009, met vice-president F.H. Koster als voorzitter en raadsheren B.C. de Savornin Lohman en W.M.E. Thomassen als leden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging van vijf weken hechtenis en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof voor hernieuwde beoordeling.