ECLI:NL:HR:2009:BJ7069
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid aanvragen tot herziening in strafzaak wegens ontbreken nieuwe feiten
De Hoge Raad behandelde op 8 september 2009 twee aanvragen tot herziening van eerdere arresten van de Gerechtshoven te Leeuwarden en 's-Hertogenbosch. De eerste aanvraag betrof een arrest van het Hof te Leeuwarden in een zaak over administratiefrechtelijke handhaving van verkeersvoorschriften. De tweede aanvraag had betrekking op een strafvonnis van de Kantonrechter te Roermond, bevestigd door het Hof te 's-Hertogenbosch, waarbij de aanvrager was veroordeeld voor het rijden zonder verplichte motorrijtuigverzekering.
De Hoge Raad oordeelde dat de eerste aanvraag niet ontvankelijk kon worden verklaard omdat het arrest van het Hof geen einduitspraak was in de zin van artikel 457 Sv Pro en de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) geen mogelijkheid tot herziening biedt. Ten aanzien van de tweede aanvraag stelde de Hoge Raad vast dat de aangevoerde nieuwe feiten en bewijsmiddelen niet voldeden aan de strenge voorwaarden voor herziening zoals neergelegd in artikel 457 en Pro 459 Sv.
De Hoge Raad verklaarde daarom beide aanvragen tot herziening niet-ontvankelijk. Hiermee bleef de veroordeling van de aanvrager tot een geldboete van €380,- subsidiair 7 dagen hechtenis wegens het rijden zonder verzekering ongewijzigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvragen tot herziening niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van nieuwe feiten die herziening rechtvaardigen.