ECLI:NL:HR:2009:BK0918

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 december 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/02015 B
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 33 SrArt. 33a SrArt. 552a Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging beschikking inzake verbeurdverklaring gestolen en omgekatte auto

De zaak betreft een klaagschrift van een klager tegen de inbeslagname van een Peugeot 206 die gestolen en omgekat was. De klager had de auto ingeruild en verkocht, maar kwam later in een civiele procedure in aanraking met de koper van de auto die een ongeluk kreeg met het voertuig. De officier van justitie verzette zich tegen teruggave van de auto vanwege het feit dat het voertuig gestolen en omgekat was en niet terug in het verkeer gebracht moest worden.

De rechtbank oordeelde dat het niet hoogst onwaarschijnlijk was dat de strafrechter het voertuig zou verbeurdverklaren en verklaarde het klaagschrift ongegrond. De Hoge Raad stelde echter vast dat dit oordeel niet zonder meer begrijpelijk was, gelet op de wettelijke vereisten voor verbeurdverklaring uit de artikelen 33 en 33a van het Wetboek van Strafrecht en de aangevoerde omstandigheden door de klager.

Daarom vernietigde de Hoge Raad de bestreden beschikking en verwees de zaak naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor hernieuwde behandeling en beslissing op het bestaande klaagschrift. De beschikking werd uitgesproken door de vice-president en raadsheren in raadkamer op 22 december 2009.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor herbehandeling.

Uitspraak

22 december 2009
Strafkamer
nr. 08/02015 B
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank te Roermond van 18 maart 2008, nummer RK 08/154, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door:
[Klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft mr. D. Moszkowicz, advocaat te Maastricht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot verwijzing van de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel komt op tegen het oordeel van de Rechtbank dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter het inbeslaggenomene zal verbeurdverklaren.
2.2. Het proces-verbaal van het onderzoek in raadkamer houdt het volgende in:
"De klager voert aan - zakelijk weergegeven -:
Dat hij de Peugeot 206 met het kenteken [AA-00-BB] heeft ingeruild. Daarbij heeft hij alles nagekeken en alles klopte. De auto was drie weken eerder gekeurd door het RDW. Hij heeft de auto aan [betrokkene 1] verkocht voor € 10.000,-. De vrouw kreeg met de auto een ongeluk en bij de Peugeot-dealer bleek dat de auto gestolen was. Dit is iets wat alleen de dealer kan controleren. [Betrokkene 1] heeft een civiele procedure tegen hem gevoerd en hij heeft haar het aankoopbedrag terug moeten betalen. Klager is van mening dat hij derhalve recht heeft op teruggave van de auto, zodat hij de zaak op zijn eigen manier kan afhandelen en zijn schade kan beperken.
De officier van justitie verzet zich tegen de inwilliging van het klaagschrift. Zij acht het niet wenselijk een gestolen en omgekatte auto terug in het verkeer te brengen."
2.3. De Rechtbank heeft in de bestreden beschikking het volgende overwogen:
"Het klaagschrift betreft een gestolen en "omgekatte" auto, die door de politie om die reden in beslag is genomen. Op grond hiervan is de rechtbank van oordeel dat zich in deze zaak het geval voordoet dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is, dat de strafrechter - later oordelend - het inbeslaggenomene zal verbeurdverklaren, zodat het beklag ongegrond verklaard dient te worden."
2.4. Gelet op de uit de art. 33 en Pro 33a Sr volgende vereisten voor verbeurdverklaring en in aanmerking genomen hetgeen de klager in raadkamer heeft aangevoerd, is het oordeel van de Rechtbank dat niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de - later oordelende - strafrechter het inbeslaggenomene zal verbeurdverklaren, niet zonder meer begrijpelijk. Het middel is terecht voorgesteld.
3. Slotsom
Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden beschikking;
verwijst de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, opdat de zaak op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier L.J.J. Okker-Braber, in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 december 2009.